Leestijd: 9 minuten

Het Elfstedenpad is een streekpad van zo’n 300 kilometer dat in grote lijnen de Elfstedentocht volgt. De wandeltocht der wandeltochten, meldt het gidsje dan ook trots. Wij zoeken het voor je uit, of dat echt zo is. In een serie onregelmatig verschijnende blogs doen we verslag van onze Friese belevenissen. Te beginnen in Leeuwarden.

Elfstedenpad

Men zou zich misschien af kunnen vragen, waarom aan het Elfstedenpad beginnen als het Waddenwandelen nog niet eens is afgerond? Welnu, daar zijn twee redenen voor. De eerste is dat wandelen op de Wadden tijdens het vakantieseizoen eigenlijk te druk is. Dus als je in die periode wilt lopen, moet je een alternatief achter de hand hebben. Tenzij je houdt van filelopen.

De tweede reden is toeval. We hadden een stukje op TV gezien van cabaretière Lisa Ostermann en wilden haar wel eens live zien spelen. De enige plek waar toen nog kaarten te koop waren was Leeuwarden. Zo dus begin je aan het Elfstedenpad.

Onze twee startroutes rondom Leeuwarden bleken zowel het eerste als laatste traject te omvatten. Virtueel zijn we nu klaar, het is af. Nou ja, niet echt natuurlijk, de rest vullen we langzamerhand in. Je komt het vanzelf een keer tegen ergens.

Verder volgt dit blog de opzet van het Zuiderzeepad Fotoboek: veel foto’s met kleine verhaaltjes. Om een indruk te geven. Je zal het zelf moeten lopen om het echt te ervaren. Overigens is het nu al een aanrader, na twee routes.

We kijken uit naar de rest.

Vergezicht

Wat vanaf het begin van het Elfstedenpad opvalt: de enorme weidsheid van Friesland. Gras en wolken zo ver het oog reikt. Met hier en daar een dorpje. Het kan er dus ook stevig waaien, alhoewel wij mazzel hadden met het weer. Net de enige droge midweek van april te pakken.

Het Elfstedenpad kwam in onze twee routes maar mondjesmaat langs de Elfstedentocht zelf. Je loopt vrij veel over voet- en fietspaden.

Normaal is dat wel eens jammer, maar met al die nattigheid van afgelopen maanden waren we blij dat we niet al te lang door hoog gras hoefden te lopen. De ervaring leert dat je dan toch vrij snel lekkage in de schoenen krijgt en dat wandelt niet prettig.

Helemaal als de afstanden iets langer worden. Onze eerste tocht was 21 km en de tweede 28. Daar zaten overigens ook reismetertjes naar het startpunt tussen, maar dat heb ik verder niet uitgesplitst; we gooien alles in de pot.

Kerken

Ondanks mijn agnostische achtergrond heb ik altijd een voorliefde voor kerkgebouwen gehad. Het zijn vaak monumenten van bouwkunst met een bijzondere, gewijde sfeer. Die je gelijk overvalt zodra je binnenkomt.

Knap hoe dat nog steeds zo werkt.

Wat dat betreft kon ik mijn hart ophalen. Veel dorpen onderweg met een kerk. Bijna allemaal op een terp, veel nog met een kerkhof eromheen. En ook veel met hetzelfde basisontwerp, zoals je op de foto’s kunt zien. Als je erop klikt worden ze groter.

Deuren

Helaas konden we niet overal naar binnen. Veel kerkjes waren nog dicht en hadden hun deuren gesloten. Het waren wel mooie deuren. De middelste is een oude kluisdeur die in Pos Plaza staat op het herentoilet. Overblijfsel van het voormalig postkantoor. Misschien een idee voor een nieuw Project & Probeersel.

Deuren, opeens moest ik denken aan Dikke Deur, de met een groot ego behepte circusdirecteur van Pipo de clown. Associaties brengen je soms waar je lang niet geweest bent.

Beesten

Ook altijd leuk onderweg: beesten. Beesten in het nieuws, zou Ko de Boswachter zeggen, maar er was weinig nieuws naast deze lammetjes en reiger. Ja, koeien. “Pipo, koeien,” zei Dikke Deur dan, mooi hoe nieuwe oude herinneringen gelijk van nut kunnen zijn. Veel koeien, maar er wilde er geen eentje een beetje fotogeniek gaan staan. Dus het blijft bij deze drie beesten.

Dorpjes

Rondom Leeuwarden liggen allemaal prachtige dorpjes, met monumentale panden die veelal goed opgeknapt zijn. Als je die dan met je rugzak op staat te bewonderen, was het eerder regel dan uitzondering dat er een vriendelijk iemand stopte die ons ongevraagd verder wilde helpen met de route.

Geen stugge Fries gezien.

Fries bier

Bier, ook in de Friese taal heet het bier. Daar kunnen dus geen misverstanden over ontstaan. Wij zaten een paar keer in Fire, een voormalige brandweerkazerne in Leeuwarden. Aanrader, je kan er ook prima eten. Ze hebben een eigen biertje, de Blondblusser. Fris blond en helder, van de tap. Gemaakt door de sympatieke brouwerij Maallust. Altijd goed.

In het hotel schonken ze diverse bieren van Kald Kletske. “Gewoan spesjaal bier” noemen ze het zelf. Ik had een blond, een saison en een tripel. Prima bier, sowieso moet je altijd streekbieren uitproberen als je ergens verblijft. Misschien lag het aan de batch, maar het schuimde niet heel erg en het ontbrak naar mijn smaak ook wel een beetje aan het koolzuur. Minor details.

Ja, een bezoek aan Friesland is natuurlijk niet compleet zonder een Grutte Pier tripel. Een citrusachtig bier, mooi droog met een flinke koolzuur prikkeling.

Gebouwen

Leeuwarden is een mooie stad met tal van karakteristieke gebouwen. Ik noem er hier drie die wij mooi vonden. Maar het hadden er veel meer kunnen zijn. Zoals het Fries Museum, waar ik dit blog over Escher op reis schreef.

De Blokhuispoort was tot 2017 één van de strengste gevangenissen van Nederland en volledig zelfvoorzienend. Nu is het een cultureel centrum waar o.a. de bibliotheek in is gehuisvest.

Het station van Leeuwarden is één van de negen opgeleverde Waterstaatstations der derde klasse. In de hal zit nog steeds het prachtige Jugendstil tegeltjestableau uit 1904.

Tot slot de scheve toren van Leeuwarden, Oldehove. Dat gebouw dateert uit 1529. Toen wij er langs liepen, stond er een steiger tegenaan. Beter kun je de scheefheid van de toren niet illustreren.

Nog slotter: ga even langs Van der Velden, boekverkopers. Die zitten ook in een gebouw. Een fijne winkel met een groot aanbod tweedehands. Ik kwam met een stapeltje van tien weer naar buiten. Het is dat ik mezelf begrens, want het hadden er met gemak twee keer zo veel kunnen zijn. Dit was 50 euri. Heel schappelijk. En de Komrij was nog gesigneerd ook.

Kunst

Komen we bij de kunst. Vlakbij ons hotel ligt het Provinciehuis, en daar was toevallig net de Nationale expositie ‘Stilstaan bij Corona’ geopend. In dit blog over de Catharsis na Corona doe ik er kort verslag van. In het Provinciehuis zelf stond een prachtig glaswerk van Don Quichote. Waar ik verder niets vanaf weet.

Vlak voor de 11 stedenhal stond dit beeld. Als eerbetoon aan de deelnemers van de Elfstedentocht. Die kon natuurlijk niet missen in dit blog over het Elfstedenpad.

Vlakbij Bears troffen wij de Uniastate. Ooit, rond 1515, stond er een vesting van de familie Unia, die diverse keren is gesloopt en weer opgebouwd. In 1879 werd vrijwel alles gesloopt, op het poortgebouw na. Dat staat er nog steeds. Kunstenaar Bep Mulder maakte in 1994 een stalen replica van de Uniastate die al van grote afstand te zien is. Het spreekt ook dichtbij tot de verbeelding.

Altijd leuk als er een gezicht in een gebouw zit.

UKV (Ultrakort Verhaal)

Ik heb een jaar lang dagelijks een ultrakort verhaal gepubliceerd via Twitter. Elke dag een tweetje. Dat werd toen ook nog wel twitteratuur genoemd. Soms klopt de inspiratie weer aan, zoals bij dit scheve paaltje vlak bij Lekkum. Meestal zet ik die dan bij de Freubels, maar deze niet. Die staat hier. Scheef te zijn.

We liepen door het land langs een scheef paaltje. Dat nu was merkwaardig. Zou de wind hier altijd uit dezelfde hoek waaien? Was er misschien een auto tegen gebotst? Is het de ziekte van Oldehove? Of was het gewoon verzakt? Ik vroeg het paaltje of ie wel eens recht had gestaan. Maar het paaltje zei niets.

It sil heve

Het laatste stukje van dit blog gaat over het Elfstedenmonument bij Alddeel. In 2001 werd het eerste deel opgeleverd. Het bevat de foto’s van duizenden deelnemers, vastgelegd op tegeltjes. Die daarna op de brug zelf weer een nieuw patroon uitbeelden. Echt wel mooi.

Er zijn twee tableautjes die ik hier wilde laten zien. De eerste is die met Jitske Binnerts Douma, hier linksonder. Haar foto komt kennelijk uit 1909. Na wat googelen ontdekte ik dat ze geboren was in 1860 en in 1921 overleed. De Elfstedentocht was dus ook vroeger niet alleen voor mannen.

De tweede is van Fopke Fopma uit 1986. Even dacht ik dat dit een grap was. Twee keer fop in één naam en dan ook nog eens onherkenbaar op de foto. Maar hij is wel officieel geregistreerd, zag ik. In ieder geval voor deze brug over de Murk. Ik sluit nog steeds niks uit.

Waarmee het Elfstedenpad voor nu wordt afgesloten. Nieuwe verslagen vind je hieronder terug met een linkje, als het zover is. Deze eerste twee etappes smaken in ieder geval naar meer.

Niet alleen God verdween uit Jorwert.

Meer wandelingen? Kijk hier voor een lijstje met alle tochten op deze website, zoals het Pieterpad, WaddenWandelen en het Zuiderzeepad.