Wanderings

Tag: Dramaboog

Ultrakorte Verhalen

Leestijd: 6 minuten

In de afgelopen jaren heb ik steeds een nieuw dagelijks twitterproject gehad. In 2019 deed ik de #DailyStoic en in 2020 de #beginzin. Van het laatste project is een volledige galerij op de website terug te vinden, alsmede een blog met twintig keer de beste beginzin. Het project van dit jaar is ultrakorte verhalen #UKV.

Ultrakorte verhalen komen in verschillende vormen voor. Wat je op internet veel ziet zijn sites over en met verhalen die maximaal 99 woorden lang mogen zijn. Vaak zijn dat wel echte verhalen met de dramaboog van Freytag. Er is een persoon met een wens of opdracht, er is een obstakel, dan een oplossing en tot slot een resultaat.

Twitteratuur

De kortste ultrakorte verhalen zijn de zogenaamde six word stories. De bekendste is naar verluid van Hemingway. ‘For sale: baby shoes. Never worn’. Ook kort zijn wat wel de twitterstory wordt genoemd, of twitteratuur. Verhaaltjes van maximaal 280 tekens, minus #UKV of #twitterstory.

En dat is precies wat ik ga doen in 2021. Elke dag een verhaaltje met maximaal 280 tekens, gebaseerd op een ervaring, een overdenking of iets wat ik ergens las. Hieronder zie je de eerste twee.

Wie is de baas?

Volgens Harari is het niet de mens die graan exploiteert, maar gebruikt het graan juist ons; om zich voort te laten planten op akkers vol gouden halmen. De meester van de omkering is echter de hond, die kwispelstaartend toekijkt hoe de mens zijn poep in plastic zakjes rolt.

Duizend-en-één

Vandaag trof ik iemands goede voornemens aan op de kiezels van het Pelgrimspad. Ooit zei Oscar Wilde dat er niets makkelijker was dan stoppen met roken, hij had het al duizend keer gedaan. Ik kreeg bijna zin om mee te doen, maar ja, ik was al gestopt. Na duizend-en-één keer.

Hoe het zich precies gaat ontwikkelen weet ik nu nog niet. Het is natuurlijk ook een beetje een zoektocht. Dingen uitproberen, kijken of en zo ja welke reacties er komen; foto’s gebruiken ter ondersteuning van de tekst; misschien wel draadjes rijgen als ik meer te vertellen heb dan 280 tekens; er is van alles mogelijk, we gaan het zien.

Wat ik wel weet is dat ik ze allemaal op deze pagina ga plaatsen. En dat alle foto’s van mezelf zijn, tenzij anders vermeld. Dus kom af en toe hier weer eens kijken welke ultrakorte verhalen er bij zijn gekomen.

UKV Galerij Januari 2021

Schroot

Langs de dijk ligt een kerkhof vol auto’s. Ooit waren ze gloednieuw. Glanzend stonden ze te wachten onder een laken, die de garagist er glunderend af zou trekken zodra de klant binnen was. Verrassing! Van alles wat daarna zou komen resten nu slechts herinneringen en een stapel schroot.

Crisismanagement met taart

Heel Holland Bakt is eigenlijk crisismanagement met taart. Je moet 100% besluiten met 50% van de kennis, aan het eind van je ervaring begint er opeens een probleem en alles staat altijd onder tijdsdruk. Zoals één van de bakkers zei: “Ik heb een goede planning alleen gaat de tijd sneller dan ik dacht.”

Collega H.

Er kwam bericht dat collega H. was overleden. Net als ik werkte hij hier al twintig jaar, toch kende ik hem niet. Op de kaart staat: ‘Naast zijn werk leidde H. een vrij eenzaam bestaan.’ Ik weet niet of ik eerder zoiets las op een rouwkaart. Maar ik zal H. niet vergeten.

Kakken

Vlak voor mij liep een grote hond die echt enorm moest kakken. Hij werd met gekromde onderrug voortgetrokken door een bleke man met oranje skimuts. Op het grasveld aangekomen strekte de hond genoegzaam kreunend zijn staart. De man dook in zijn Iphone; dit kon wel even duren.

Thuiswerken

Niet het thuiswerken is saai, maar het thuiszitten. Elke dag is hetzelfde. Dus keek ik verheugd uit het raam bij de aanblik van een gestrande trailer. Men reed karren van de ene in de andere truck. Ik schonk koffie in en ging er eens goed voor zitten. Hun pech was mijn geluk

Kat in de dakgoot

Er zat een kat in de dakgoot. Hij keek strak voor zich uit, naar een andere kat buiten beeld. Staredown. Zijn grimas werd versterkt door een vreemde tekening onder zijn neus. Alsof er een snor met punten op was gestift. Loop maar ff lekker door, dacht de kat in de dakgoot. Met je #UKV.

Phish

Ik kreeg post van Mr Hill Kunow. “Dear Sir/Ma, u heeft recht op 600 dollar coronasteun. Daarvoor hebben we wel uw gegevens nodig en een kopie van uw rijbewijs.” Beste Mr Hill Kunow, wat een loser van een phisher bent u. Echt broddelwerk. Ik kan dus helaas niet op uw verzoek ingaan.

Gat

Voor wie het zien wil, zit de aarde vol gaten. Sommige zijn gevuld met zand, die vallen het minste op. In andere zit water of lucht, die zie je al een stuk beter. En er zijn gaten die je voor een ander graaft. Die neigen zich stiekem doch onzichtbaar te verplaatsen. Anders zou je er natuurlijk nooit zelf invallen.

Klopt

Voor mijn vage verzameling kocht ik via een veiling een Italiaanse munt waarop de brandweer wordt geëerd. Er zit een gebruiksaanwijzing bij die uitlegt dat er een inscriptie op staat: Corpo Nazionale Vigili del Fuoco. Dat klopt precies. Altijd mooi, als alles klopt.

Katten

De kat kat tegen de andere kat. Het is een kattige kat. De niet-kattige kat, daarentegen, kat nooit tegen de kattige kat. Beter zou zijn van wel. Dat is toch waar het een beetje om gaat, dat katten katten. Anders kan je net zo goed een konijn houden. Die katten veel minder.

Tandpasta

Opeens was de Parodontax afgrijselijk veranderd, ook al stond er nog steeds Original op de tube. Ik kocht iets wat het niet meer was. Ooit zei Barthes over de Argo dat als naam en vorm gelijk blijven, het ding ook gelijk blijft. Maar daar moet inhoud dus bij, weet ik nu.

Kanon

Zondagmiddag, mooi weer. De kleine jongen met de grote blauwe muts staat voor het kanon waar hij graag op zou gaan zitten. Zijn moeder of oma, ik zag het niet direct, ontraadt het hem ten zeerste. “Zo krijg je een hele natte kont.” Maar dan heb je wel fijn op een kanon gezeten.

Belletje

Hoi mam, met mij. Ja, ik loop buiten. Nee, alleen. Die zit nog thuis. Het is nu definitief, ontslagen. Sinds vanmiddag. Geen werk meer voor. Ja, door corona inderdaad. Dat is nog een eufemisme, vervelend. Maar waar ik voor belde, staat dat logeerbed nog bij jullie op zolder?

Haastrecht

Het Pelgrimspad bracht ons in Haastrecht, waar we halt hielden om het centrum te bekijken. Er fietste ons een oude vrouw voorbij, die afstapte en lopend doorging. Op de hoek van de straat steeg ze weer op en verdween. In gedachten zag ik haar gierend van de lach wegfietsen

Hooglander

Hoe zou het leven zijn, voor een Schotse Hooglander op de Hilversumse heide? Dat vroeg ik me gister opeens af. Het was gaan sneeuwen, de kudde kolossen bewoog zich langzaam met de bui mee en schudde af en toe met hun lange haren de vlokken van zich af. Weer eens als thuis?

Twintig keer de beste beginzin

Leestijd: 7 minuten

Hoe ziet de beste beginzin er uit? Met die gedachte begon ik in 2020 dagelijks een beginzin uit mijn boekenkast te posten. En toen ik ze allemaal op een rijtje had staan moest ik de beste er uit halen. Dat viel echter nog helemaal niet mee.

‘Call me Ishmael’. Dat is volgens de American Book Review de beste beginzin aller tijden. En ik vind hem ook erg goed; lekker kort, heel krachtig en je bent gelijk voorgesteld aan een belangrijk personage. Zo’n beste beginzin als die van Herman Melville legt de lat hoog voor andere schrijvers. Die willen er ook zo één.

Dus is er een hele cultus ontstaan over de wetenschap van de beginzin. Je mag niet beginnen met ‘ik’ of het weer. Hij moet kort zijn. Je begint met een personage plus een gevoel, een plaats, een tijd en/of karakteristiek. Beloof iets. Flirt met spreektaal. Zorg dat er wat op het spel staat. En schrijf beeldend. Er zijn kortom meer regels dan je in één beginzin kwijt kunt.

De vraag is natuurlijk hoe belangrijk zo’n goede beginzin echt is. Ik bedoel maar, hoeveel beginzinnen ken je uit je hoofd? Noem er eens een paar op. Ja, dan kom je vanzelf op ‘Call me Ishmael’: dat zijn slechts drie woorden, die onthoudt iedereen wel. Ken je echter ook de twee volgende zinnen van Moby Dick? Hier komen ze:

Call me Ishmael. Some years ago—never mind how long precisely—having little or no money in my purse, and nothing particular to interest me on shore, I thought I would sail about a little and see the watery part of the world. It is a way I have of driving off the spleen and regulating the circulation.

En dan gebeurt er wat mij betreft opeens iets geks met die beste beginzin. Er zit namelijk een breuk tussen met het vervolg. ‘Call me Ishmael’ is een three word story op zichzelf. Daarna begint het grote verhaal pas echt. Moby Dick was naar mijn bescheiden mening dus net zo’n klassieker geworden als ie was begonnen met ‘Some years ago—never mind how long precisely—having little or no money in my purse, and nothing particular to interest me on shore, I thought I would sail about a little and see the watery part of the world.’

Ultra Kort Verhaal

Omdat ik zelf ook altijd loop te hannessen met de beginzin leek het mij in 2020 een prima plan om gedurende een jaar dagelijks een beginzin uit mijn boekenkast te posten. Een mooie aanleiding om er elke dag eentje te bestuderen en af te kijken hoe je nou die beste beginzin schrijft. Het resultaat van die verzameling vind je hier terug in de Galerij der Beginzinnen.

Wat uiteindelijk de beste beginzin van die 365 exemplaren is, vond ik lastig vast te stellen. Toen ik ze allemaal zat door te lezen om er een longlist en daarna een shortlist van te maken, viel me op dat het niet zozeer de eerste zin zelf is die bepalend is voor de kwaliteit, maar het setje van de eerste paar regels in zijn geheel.

Hoe meer die eerste paar regels een ultra kort verhaaltje (UKV) op zichzelf vormden, hoe beter ik ze vond. Omdat er een vraag werd geponeerd, of een dilemma, een raadsel. Omdat ik ze grappig vond, ontroerend soms. Of gewoon omdat het mooie zinnen waren die een overdenking, een mijmering bij me teweeg brachten.

Wat me verder opviel: het lukte me niet om zonder spijtgevoelens de longlist in te korten tot een shortlist, noch kon ik er één als de beste beginzin aanwijzen, zoals ik vooraf had bedacht. Maar da’s dan weer het mooie van je eigen website volschrijven, dat je gewoon de regels aanpast tijdens het spel. Niemand die klaagt.

Twintig keer de beste beginzin

Uiteindelijk zijn dit de twintig beste beginzinnen geworden, in willekeurige volgorde. Die van Moby Dick zit er trouwens niet bij. Niet omdat ik hem niet mooi vond, maar het boek staat niet in mijn kast.

De ene dag is er leven. Een man bijvoorbeeld, in goede gezondheid, niet eens zo oud, zonder ziektegeschiedenis. Alles is zoals het was, zoals het altijd zal zijn.

Een van de dingen die je meemaakt als je ouder wordt, is dat je een heleboel nieuwe manieren vindt om je te bezeren.

Geachte mevrouw Davis, Wij hebben elkaar nimmer ontmoet en die situatie moeten we vooral handhaven. Er is al ellende genoeg in de wereld.

Beste Kees, Er is een moment. Momenten zijn er altijd. We vullen ons leven ermee. Elk moment is anders. Op een bepaald moment doen we iets. Kiezen wij dat moment of kiest het moment ons?

Hou het stevig vast, zegt mijn vader. Met beide handen. Ik omklem het stokje. Vader loopt langzaam achterwaarts, de haspel met vliegertouw afwindend. Bij elke stap voel ik een klein rukje. Ik zet me schrap.

We stonden tegenover elkaar, mijn moeder en ik. Zij aan de ene kant van de kist, ik aan de andere. We rukten aan de hengsels. Zij droeg sloffen, ik schoenen. Ze gleed weg en ik zette haar klem. Gewonnen.

He was an old man who fished alone in a skiff in the Gulf Stream and he had gone eighty-four days now without taking a fish. In the first forty days a boy had been with him.

Die zondagmorgen liep Van Kempen de bijkeuken in om zijn klompen aan te doen en een kijkje op de dijk te gaan nemen. Maar toen zag hij daar een geweldige kat liggen. Dat is eigenaardig, zei hij bij zichzelf, die was er gisteren nog niet.

Het gebeurde in februari 1969 in Cambridge, ten noorden van Boston. Ik heb het niet onmiddellijk opgeschreven omdat ik eerst van plan was het te vergeten, om niet gek te worden.

Hoe meet je de zwaarte van een klap die nooit kwam, zoek je de fiets waar niets mee is, die er nog staat? De brand in een leegstaand schoolgebouw, nooit uitgebroken, laat geen sporen na.

In een plaatsje in La Mancha, waarvan de naam mij niet te binnen wil schieten, leefde niet lang geleden zo’n edelman met een lans in zijn wapenrek, een antiek leren schild, een magere knol en een hazewind.

Was het hem? Was het hem niet? Vanmorgen, op dat stampvolle perron 12b van Amsterdam-Centraal had ik even dat sterke gevoel dat ik Stan van Leer zag.

De dag waarna in het leven van Raimund Gregorius niets meer zou zijn als ervoor, begon als talloze andere dagen

In juni 1885 arriveerden er drie Fransen in Londen. De ene was een prins, de andere een graaf en de derde een gewone burger met een Italiaanse achternaam. De graaf omschreef het doel van hun bezoek later als intellectueel en decoratief winkelen.

1986. Het was aan het begin van mijn reis naar Santiago dat Borges stierf. Dat was vreemd, want je had het vreemde idee dat hij nooit kon sterven, of dat hij al lang dood was, dat kon ook.

Ooit bezat ik het volmaakte ei. Het was ongeveer zo groot als dat van een merel en had als bijzondere eigenschap dat het leeg was – niets dan een schaal rondom eivormige lucht.

De bomen buigen. Het zijn langwerpige bladervrachten die wapperen zoals de wind het aangeeft. De wolken zeilen eroverheen, genoeg verlangens op zo’n dag, maar als je het beleeft weet je er geen raad mee.

Rechts van me staat een vlekkerig grenen boekenkastje. Het bevat onder meer mijn jeugd.

Ze stapten uit bij het eindpunt, en toen ze bij de straathoek kwam, zag ze tot haar verbazing dat ze in de straat was waar ze woonde, op een paar passen van haar huis. Ze bleef staan.

Er zit een geheim in alles wat je ziet en zelfs als je dat geheim oplost blijft er het geheim van je vermogen om het te zien en op te lossen.

De dramaboog van Gustav Freytag

Leestijd: 3 minuten
Laatste update 13 mei 2020

De dramaboog van Gustav Freytag bestaat al ruim 150 jaar. Inmiddels is er ook onderzoek dat een neurologisch bewijs levert voor de kracht van storytelling. Het slechte nieuws is dat het ook ruimte biedt aan storybuilding. En die twee moet je wel uit elkaar leren houden. De brand in De Kelders van Leeuwarden gebruik ik daarbij als casus.

Op 19 oktober 2013 brak er brand uit in de binnenstad van Leeuwarden. Het vuur greep snel om zich heen en leidde tot een zeer grote brand. Tot zover was het weliswaar een groot incident, maar ook weer niet zo heel bijzonder. Dat veranderde toen bekend werd dat er nog iemand in het pand zat die er niet meer uit kon. Sterker nog, hij had contact met de meldkamer van de brandweer tijdens de incidentbestrijding en probeerde duidelijk te maken waar hij zich bevond.

Vanaf dat moment was de brand opeens ook een verhaal, een narratief. Er was een plot met mogelijk fatale afloop, in een situatie waar veel mensen zich emotioneel goed in kunnen inleven. Alle ingrediënten voor een drama waren aanwezig en dat werd het uiteindelijk ook: de ontknoping liep voor de bewoner niet goed af.

Storybuilding is het fenomeen dat er via social media een negatief verhaal over jouw incident dan wel situatie wordt gecreëerd, waar je heel snel bij moet zijn om het niet te laten ontsporen. In storybuilding zitten ook de vijf elementen van de dramaboog.

5 elementen van de dramaboog

Al 150 jaar geleden beschreef Gustav Freytag de vijf elementen van universal storytelling die hij de dramatic arc noemde, de dramaboog. Elk verhaal begint met het voorstellen van een hoofdpersoon die met één of ander probleem worstelt.

In fase twee neemt de intensiteit van de acties en verwikkelingen toe en wordt de aanloop naar de climax steeds duidelijker zichtbaar. Is het hoogtepunt eenmaal daar, dan lopen de acties weer af en wordt duidelijk hoe het allemaal in elkaar zit.

De dramaboog wordt afgesloten met de ontknoping. In de komedie eindigt het voor de hoofdpersoon beter dan het begon, in de tragedie daarentegen loopt het voor de hoofdpersoon slecht af. Wat dat betreft was de brand in Leeuwarden een typische tragedie.

verhaallijn kleur (3)

Overigens hadden de hulpdiensten in de ontknoping best eens meegesleurd kunnen worden door storybuilding. Als je de opbouw van het brandverhaal Leeuwarden ziet, dan had de narratief zich wel eens kunnen keren en de rollen omdraaien. Dan word je van redders opeens daders  en het slachtoffer een held.

Naarmate de buitenwereld kritischer is over jouw organisatie, neemt de kans op storybuilding toe. Wees vooral beducht op zogenaamde crisismakelaars: relatieve buitenstaanders, die het goed uitkomt als jouw organisatie in een negatief daglicht, dan wel crisis terecht komt.

Het herkennen van dergelijke storybuilding is een vaardigheid die organisaties door continue ontwikkelingen op sociale media zich snel eigen moet gaan maken, om incidenten te managen en crisis te voorkomen.

Onderzoek

Nieuw onderzoek van de neuroloog Paul Zak onderbouwt de dramaboog van Freytag. Hij liet proefpersonen een filmpje zien die opgebouwd was uit de vijf elementen ‘exposition’, ‘rising action’, ‘climax’, ‘falling action’ en ‘denouement’ oftewel ontknoping.

En wat bleek: bij de proefpersonen kwamen grote hoeveelheden van de hormonen cortisol en oxyticine vrij, die het gedrag van de mensen meetbaar veranderde. De controlegroep kreeg beelden te zien zonder de universele verhaalstructuur en daar kwamen de hormonen niet vrij. Het filmpje op deze website is zeer de moeite waard om eens te bekijken.

Het onderzoek van Paul Zak demonstreert nog maar eens de kracht van verhalen vertellen om gedrag te beïnvloeden. Ik had dat zelf ook al eens beschreven in het artikel ‘Leren is ook verhalen vertellen‘, maar toen kende ik de neurologische component nog niet.

Ik denk dat de kracht van storytelling bij organisaties nog lang niet uitontwikkeld is en dat er nog veel te winnen is. Tegelijkertijd zie ik dat storybuilding net zo krachtig is. Als je daar geen goed antwoord op hebt, loop je achter de feiten aan en ben je het initiatief kwijt. Daarmee heb ik en passant de dramaboog met een zesde element verrijkt: de cliffhanger. Hoe gaat dat aflopen?

© 2021 Rizoomes

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑