Wanderings in crisis

Tag: Bier

Wandelen op Vlieland

Vlieland is het eerste eiland dat we aandoen op ons nieuwe project WaddenWandelen. Het plan was om twee dagen te wandelen en twee dagen te nemen om te reizen en de boel te verkennen. En zo liep het ook ongeveer. Maar toch net een beetje anders.

Deels kwam dat door het weer. Op de eerste dag hadden we een heerlijk zonnetje, maar voor de dag erna werd veel wind en regen voorspeld, met zelfs een code geel voor het Noordelijk kustgebied. Dat loopt toch minder lekker, 17 km met een windkracht zeven op je voorhoofd.

Posthuys

Bovendien bleek de eerste wandeling van 20 km veel overlap te vertonen met de tweede. Daar kwam bij dat het startpunt voor beide wandelingen, het Posthuys, met de bus moest worden aangereisd vanaf Oost Vlieland. En die bus ging alleen om 12.30, deed er een half uur over en daardoor konden we pas betrekkelijk laat starten. (OK, er gaat ook een bus om 09.00, maar dat vond ik dan weer net te vroeg voor de vakantie).

Vlieland
Het deel van Vlieland dat voor iedereen toegankelijk is. De Vliehors op West is een militair oefenterrein. Onze eerste wandeling liep vanaf het Posthuys richting Noordzee en daarna rechtsom richting Vlieland Oost. Niet alles ging over het strand, enkele stukken maakten gebruik van fiets- en wandelpaden. Uiteindelijk werd het 24 km. De tweede wandeling ging vanaf het Posthuys naar het strand en daarna linksom, tot aan de Vliehors en dan om de Kroon Polders terug. Dat was ongeveer 11 km.

Toevallig hadden we ook een dagje gratis fietsen in ons arrangement, dus uiteindelijk besloten we om de tweede dag de fiets te nemen naar het Posthuys, daar de wandeling door de Kroonpolders te lopen en vervolgens nog even het bunkermuseum aan te doen. Zo zagen we ook nog wat anders van Vlieland.

Je kan natuurlijk ook drie dagen gaan. Of vier. Maar soms komen goede ideeën nu eenmaal te laat.

Dit blog is verder opgezet zoals het Zuiderzeepad Fotoboek. Een paar thema’s met foto’s die het verhaal van wandelen op Vlieland vertellen. Een soort dia-avondje van andermans vakantiefoto’s, alleen mag je deze wel zelf doorklikken.

Het vertrek

De veerboot naar Vlieland vertrekt vanuit Harlingen. Een half uur voor de afvaart verzamelt iedereen zich in de Terminal, als een onrustige kudde schapen die bijna van stal mag. Er zijn de voordringers, degenen die er al een uur staan, de-in-de-weg-staanders en de we-zien-het-wel-komt-goed-types. Maar bijna allemaal zijn ze grijs.

Na de kaartjescontrole stroomt de grijze golf omhoog, de trappen op. Richting de mooiste stoelen op het dek, naar de kantine of een rustige stoel aan het raam. En er zijn de mannetjes, zoals ik, die alles willen zien. Hoe het werkt, wat er gebeurt en die bijvoorbeeld opmerken dat het walpersoneel eerst een reddingsvest aantrekt voor ze de trossen lossen.

Waarop ik me natuurlijk moest afvragen of dat uit een RIE kwam of uit een analyse van een ongeval. Van sommige dingen kom je nooit meer af.

In de haven van Harlingen ligt een grote walvis. Die zie je pas als je er langs vaart. Het is één van de elf fontijnen die in Friesland zijn gebouwd ter ere van Leeuwarden culturele hoofdstad van Europa. Ik schreef er al eens over in dit blog over Escher op Reis.

Aankomst

Vlieland is een betrekkelijk klein eiland. Er is één aanmeerplek voor de veerboot, waar ook de Koegelwieck gebruik van maakt. Wij hadden een kamer in Zeezicht, met inderdaad uitzicht op zee. En de haven. Drie foto’s, één panorama.

Dat het eiland klein is merk je ook aan het feit dat je overal steeds dezelfde koppen weer tegenkomt, van de mensen die ook al aan boord zaten. Je bent als het ware een ongekozen bubbel met elkaar die over het eiland vloeit, in de restaurants en op de terrassen. Alleen niet tijdens het wandelen, dan zie je haast niemand. Of het moet op het strand zijn. Maar dat zijn zelden wandelaars.

Noordzeestrand

Beide wandelingen gaan over het Noordzeestrand. Dat was grotendeels leeg toen wij er liepen, zeker op de tweede dag. Toen waaide het hard en was de zee behoorlijk ruig. Dat zie je op de derde foto. De eerste foto is de opgang naar het strand vlak bij het Posthuys. En op de middelste foto, genomen ter hoogte van het Badhuys, zie je nog net de veerboot voorbij komen.

Het is precies die leegte en de onstuimigheid van de Noordzee die het wandelen over Vlieland zo aantrekkelijk maakt.

Vuurtoren Vuurduin

Geen waddeneiland zonder vuurtoren, dus ook Vlieland niet. Al is die van hun wel de kortste van alle waddentorens. Hij is precies 16,8 meter hoog, geopend in 1909 en wordt door de Eilanders liefkozend de Rode Kabouter genoemd. Omdat het torentje op een hoog duin is geplaatst, steekt ie toch boven alles uit. Voor €3,50 mag je naar boven, cash te betalen aan de vuurtorenpachter. Altijd doen.

De kleuren van het wad

Zes verschillende momenten zeezicht over vier dagen. Je zou er een fotoboek van kunnen maken. Een jaar lang elke dag een foto, ik heb er nu al zin in.

Bunkermuseum

Vaste prik op vakantie: vuurtorens en bunkers. Het bunkermuseum Wn 12H is een bezoek zeker waard, al is het nog lang niet af.

Vogels

Massa’s vogels, op Vlieland. Zoals deze zwerm scholeksters, die besloot onze komst niet af te wachten. Langs de vloedlijn zagen we verder heel veel strandplevieren, kleine snelle vogeltjes op zoek naar lekkere hapjes. Maar vooral waren er veel meeuwen, heel veel meeuwen. En ook heel veel dode meeuwen, dat ook. Maar dat bleek volkomen normaal. Wisten wij veel.

Impressies

Impressies. Zonder commentaar. Klik op de foto voor een vergroting.

Bier

Niet onbelangrijk: plaatselijk bier. Vlieland is gezegend met een eigen brouwerij, Fortuna Vlieland. Waren we er langer geweest, hadden we er zeker even een bezoekje gebracht. Ik heb zo’n beetje de hele selectie uitgeprobeerd en daarvan beviel de Monnicke Weizen mij het best. Donker tarwebier, fris kruidig en ongefilterd. Met dennetoppen, jawel. De Island Ale is trouwens een goede tweede

Bries werd speciaal gebrouwen door Fortuna voor het Badhuys. Het is zomers bier van zo’n 4.4% dat veel doet denken aan Desperado. Met op de achtergrond een klein ziltje dat wordt verstopt door de limoen. Limoen dus niet doen.

The Captain’s Daughter is van Brouwdok uit Harlingen. Een mooie rode Ale, vol van smaak en bitterzoet met zilt. Mooi dat er na de eerste hoppige IPA golf nu ook ambers met elegantere smaken ontstaan.

Aan het eind

En zo kwam er met een biertje een einde aan de eerste van zes keer WaddenWandelen. Benieuwd wat de volgende vijf ons gaan brengen. Van deze kon ik in ieder geval zeggen: het waren twee fantastische dagen.


Er staan nog meer wandelblogs op Rizoomes. Bijvoorbeeld dit Zuiderzeepad Fotoboek. En acht verhalen over het Pieterpad vind je hier.

Bier na de tweede lockdown

Bier na de tweede lockdown brengt u op de hoogte van onze laatste wandeltochten die we afsloten op een terras. Inmiddels het vierde blog in een serie over bierwandelen. Met in dit rijtje van acht veel dubbels. Vast toeval.

Eén van de grote genoegens van de boer is dat hij na een lange donkere winter zijn koeien weer los kan laten in de wei. Dat is feest. De beesten weten van gekkigheid niet meer hoe ze zich moeten verplaatsen, het springt, hobbelt en hoekt alle kanten uit. Precies zo voelde wij ons na het opheffen van de tweede lockdown. Alleen wisten wij wel wat we moesten doen. Lopen en naar het terras.

Isid’or

Het eerste bier na de tweede lockdown dronken we op een terras in Kampen. Het was 9 mei en we hadden er net een route opzitten van het Hanzestedenpad. Die eerste werd een Isid’or van La Trappe. Geen onbekende voor ons, alhoewel je hem opvallend weinig op de kaart ziet staan. Mooi amberkleurig bier met een gelaagde smaak, kruidige fruitigheid die overgaat in een karamelletje. En koop voor thuis die fijne fles van drie kwart liter. Voor de broodnodige bezinning.

Redenaar

Natuurlijk gingen we tijdens de lockdown ook niet helemaal op water en brood. Wel op hop, mout, water, tarwe, gist en rietsuiker. Op de juiste manier schudden en je hebt een Redenaar, die we aanschaften bij de plaatselijke Barbier. Donkerblond met een schitterende schuimkraag. Lekker droog, troebel en ietwat zoetig door z’n acht procentjes alcohol. Goed doordrinkbaar, zegt de brouwer, maar er staat niet bij wat dat voor de day after betekent. Ook al deden we er slechts één, wij zeggen: remember die Duvel Doorzak Dag, dan weet je het.

Kou van Jou

Op het Blauwspoorplein in Dordrecht bestelden we een Kou Van Jou van de Blauwe IJsbeer. Een geweldige naam die aanleiding geeft tot fijne flauwe grappen (‘Ik ook van jou’) als de beschikbare tapbiertjes worden opgesomd. Het biertje zelf is ook geweldig. Gembertje er in, niet overheersend, maakt het een fris bier. Rood van kleur, eerder een ale dan een blond, maar daar kniezen wij heel weinig oor over. Aanrader.

Giulia Ovest

Deze Giulia Ovest troffen we op een koud en winderig terras van een Italiaans restaurant nabij het station in Maarssen. We hadden er net een stuk Waterliniepad opzitten vanaf Utrecht en een kleine evaluatie met onze wandelgast was op zijn plaats. En dat ging uitstekend met dit amberkleurig bier uit Italie. Beetje notig van smaak, ik vind het verrassend lekker. Zou ik zeker weer bestellen, als het dan tenminste niet zo hard waait.

Fourchette

De Fourchette is een bijzonder bier, omdat hij niet zozeer gebrouwen is als wel samengesteld. Het is een blend. Jawel, een mengsel van witbier en tripel. Speciaal om te drinken bij de de meer culinaire gerechten dan een sateetje friet. De Fourchette zit stevig in zijn koolzuur, is droog kruidig met citrustonen, koriander en kruidnagel. Ik vond hem zwaar smaken, bijna traag. Eerder de feel van een wijn dan een bier. Dus kleine slokken in plaats van grote klokken. Maar wel eentje die de liefhebber geproefd moet hebben.

Leerdams Klokke Bier

Tussen de regenbuien door arriveerden we opmerkelijk droog op de Noorderwal in Leerdam, na zo’n 24 kilometer lopen op het Waterliniepad. Tijd voor een stevige opfrisser dus, die wij vonden in deze dubbele Leerdammer. Hij komt uit de brouwerij Steenberge, smaakt bitter bruin met kandij en lijkt wel wat op de Tongerlo. Dus when in Leerdam….

Meester Dubbel

Ook de Meester Dubbel dronken we tijdens de tweede lockdown gekluisterd aan huis. Heel erg donker bruin met ook een bruinig kraagje. Goed in de kandijsuikers, maar tegelijk ook bitter en fris. Leek sterk op het Leerdams Klokke bier. Kan je een mooie avond mee vullen als je er meer hebt dan één. Maar dat hadden we niet. Voortaan anders inkopen voor de thuisproeverij, zoveel werd mij duidelijk tijdens deze afzondering.

Postel

De Postel Dobbel wordt gebrouwen door Affligem. Het is een klassiek Belgisch dubbel bier, naar oud recept van de abdij van Postel. Die doen trouwens tegenwoordig vooral in de verkoop van kruiden uit eigen tuin. Het is een tamelijk zoetig bier, rozijntjes met bruine suiker. Voor op het terras prima te doen maar in de thuisfrigidaire ligt er dan toch eerder een Westmalle Dubbel.


Alle bierwandelblogs op een rijtje:

Verrassend bier na de drooglegging van 2020

Eén van de grootste genoegens in dit leven is misschien wel een lekker bier op een terras na een lange wandeling. Het liefst eentje uit de streek zelf. Dat je ergens bent wezen lopen, de omgeving hebt verkend en bekeken, wie weet zelfs interessante gesprekken hebt gevoerd met mensen die je er tegenkwam. En dan als kers op de appelmoes een streekbier; de smaak van die buurt. Hoe veel mooier kan het zijn?

Sinds de intelligente lockdown weten we dat: niet. Mooier wordt het niet. Lopen, dat gaat nog wel. Rondjes om de kerk, klompenpaden, trage tochten, zolang het maar van A naar A gaat en met eigen auto, dan komt het goed. Maar die bieren, die werden node gemist. Dat dan de Stoa zegt dat de objectieve feiten niet het probleem zijn, maar wel je reactie er op maakt het niet veel beter: geen bier is geen bier, Seneca en Marcus Aurelius. Moet een mens dan alles maar accepteren?

Maar voor het echt nijpend werd was daar gelukkig de versoepeling. Na gedane wandeling is er weer open terras, met bier. Zoveel vreugd moet worden gevierd met zeven verrassende biertjes, de ervaring van afgelopen weken. Het is nog niet helemaal als de beste bieren van het Pieterpad, maar het herbegin is hier; verrassingen na onderweg.

Vlak bij ons huis, aan de Laarder Wasmeerroute, ligt Bluk. Theehuis op de hei, met genoeg empatisch vermogen er fijne bieren te schenken zonder te vragen of de betreffende wandelaar wel genoeg kilometers heeft gemaakt voor zijn beloning. Want die beloning is groot: een Gerardus Kloosterbier van de tap. Een Gulpener dubbelbier van 7%, beetje bitter, notig, cederhoutje. Maar niet zoet, helemaal niet zoet. En dus, als we niet braaf zijn maar dorstig, lopen we slechts de anderhalve kilometer van de route die nodig zijn om bij Bluk te komen. Ja, u leest het goed: met die anderhalve kilometer maatschappij gaan we het gewoon helemaal sjeffen.
Het allernieuwste klompenpad is het Ambts- en Rijkspad. Wij liepen er toevallig op de dag dat het officieel werd geopend en het is één van de leukste klompenpaden die er is. Gasterij De Arend ligt zowel aan het begin als aan het eind van de route. Hoe vriendelijk is dat: dat je vanaf de start weet waar je aan het eind een bier kunt kopen. Aldaar raden wij de Scotch Crowned Trees Stout aan. Een ale van 7,2%, al in 1921 gebrouwen door Wielemans uit het Brusselse Vorst en sinds kort weer terug in de AB Inbev stal. Zacht zoetig en mooi roodbruin van kleur. Eigenlijk is er maar één nadeel aan: de flesjes zijn slechts 25 centiliter. Zo zou Wielemans het vast niet gewild hebben.
When in Dokkum, do as the Dokkumers do: drink a Bonifatius bier. Wij deden het Wad Wit. Inderdaad, een wit bier, van 5,2 % maar dan met zeewier er in. Ja, zeewier. Lekker ziltig. En dan ook nog eens met water uit de bron die Bonifatius daar volgens de legende ergens tussen 675 en 754 ontdekte. Verder met koriander en sinasappelschil. Wel lekker, maar ook heftig. Twee achter elkaar bleek eentje te veel.
Ook in Dokkum gedronken: It Lulke Wiif van brouwerij de Freonskip. Een hoogblond bier van 7%, met een bijzondere smaak door toevoeging van de Wichter, een pruim die slechts in de Friese Wouden voorkomt. Het was een prettige kennismaking, althans de eerste paar slokken. Daarna werd het wiif kennelijk echt lulk en trok ze alle belletjes eruit. Wat overbleef was een kruidendrankje zonder prik.
Op het terras van Wad Oars in Anjum bestelden we een koude klets: Kald Kletske. Gewoon spesjaal bier van brouwerij Dockum. Een echte blond, hoog in het koolzuur en zoals wij dat bij tropische temperaturen graag hebben, goed doordrinkbaar. Doe er nog maar één.
Nuchtere Heit. Alcoholvrij. Omdat je soms ook nog moet rijden. Omdat je na een halve dag Spa Rood wel eens wat anders wil. Omdat het hitteprotocol zegt dat je veel moet drinken. Omdat het toevallig op de kaart stond. Omdat je om 15.00 geen zin meer hebt in koffie. Omdat thee voor vroeg is en voor laat, niet voor er tussenin. Daarom.
U wist dat natuurlijk, maar ik stond er nooit bij stil: ook het Lauwersmeer was ooit een zee. Met vissersplaatsjes erlangs, zoals Zoutkamp. En daar hebben vijf mannen Solt opgericht: “wij dromen van een erfenis voor onze kinderen- en kleinkinderen, waarin ook zij op een duurzame manier kunnen blijven oogsten uit een vruchtbare zee en smaakvolle levensmiddelen ontwikkelen vanuit één passie. Smaak!” Eén van die smaken is de Seeratt: een blond bier van 5,8% dat neigt naar Ipa, met een mooie dot gist in het glas dat het lekker troebel maakt. Wat ik ook niet wist: een seeratt komt nooit alleen.

Alle bierwandelblogs op een rijtje:

De beste bieren langs het Pieterpad deel 2

En toen was hij opeens af, het Pieterpad. Bovenop de Pietersberg zaten de 498 kilometers er op, het zwarte gat nakend aan de einder. Wat nu te lopen?

Gelukkig hadden we de biertjes nog. Wijzer geworden door het eerste blog over de streekbieren van het Pieterpad, hebben we in deel twee àlle speciaal bieren die we tegen kwamen gerecenseerd. Lekker. De meeste wel, nochthans.

Serafijn

Serafijn van brouwerij de Hemel uit Nijmegen. Gedronken bij pannenkoekenrestaurant de Duivelsberg in Berg en Dal. Witbier van 5% dat in een onprettig limonadeglas kwam. Enigszins laffige smaak, koriander en sinaasappel node gemist. Geen hoogvlieger. Maar dat zijn eigenlijk alle witbieren niet. Nee, een weizen is echt wat anders dan witbier. Dat u het maar weet. En hou ook eens op met die citroentjes er in te gooien. Niet meer doen.

Wolf

Wolf bij de Wolfsberg in Groesbeek. Van brouwerij Wolf uit Aarschot, België. Stevig bier van 7,4%, licht aromatisch zoet, beetje de smaak van Duvel. Lekker bier met enorme schuimkraag die de hele kelk vulde. Nectarine met witte peper. Prachtig terras, vol nogal koude kak. Die gingen weer, het mooie uitzicht bleef.

Tortel Weizen

Tortel Weizen van Genneper Tortelduiven brouwerij. Mooie plek bij Hotel de Kroon in Gennep. Wel een weizen, but not as we know it, captain. Ietwat vlakke smaak, maakt geen grote indruk. Snel overgestapt op Gerardus van Gulpen. Is dat een streekbier eigenlijk? Vast wel, hij past bij elke streek namelijk heel goed. Zoals bij Bluk op de hei in Laren, op slechts 1,5 kilometer lopen hier vandaan in Hilversum.

Tre Fontana

Tre Fontana komt uit Rome en is het elfde Trappistenbier. Voorheen slechts aan het klooster ter plaatse te verkrijgen en enkele speciaalzaken in de Eeuwige stad. Een heerlijke tripel met eucalyptus die het een frisse afdronk geeft op het zachte zoet van de 8,5% alcohol. Niet uit de streek, maar wel gedronken bij Brouwersplaats in Venlo. Café voor de bierliefhebber en dat zijn we. Het zou een zonde zijn dit goddelijke bier niet te noemen in deze lijst. Dus doen we dat, maar neem voldoende zilverlingen mee, goedkoop is het niet.

Venloosch Alt

Venloosch Alt wordt tegenwoordig gebrouwen door Lindeboom. Het roept dezelfde vraag als bij de Gerardus: is het een streekbier? Lekker is het wel. Een licht kruidige smaak op 5,2% alcohol. Mooie amberkleur, klein zoetje en moutig. Gaat makkelijk van de één naar nog één en toch gezond weer op. Het is een kwestie van geduld dat heel Holland met Venloosch Alt zijn glaasje vult.

Gouverneur Blond

De Gouverneur Blond is ook van Lindeboom. Een lekker blond bier, kruidig met een stevige afdronk. Die 6,5% zitten zeker niet in de weg en het is daarom het vermelden zeker waard. Ook al zit het in de categorie Leffe, Affligem en La Trappe: wel speciaal bier, geen streek. Staat dus niet in de top 5 Pieterpad deel 2. (Geintje, wel hoor)

Flandrien

Flandrien Super 8 is een blond bier uit België. Ze lonken naar de wielersport en dat was ook precies de reden dat ie op de kaart stond bij restaurant Saga in Geulhem. Flandrien beschrijft het zelf als volgt: “Een kopman zonder een sterke ploeg achter zich pakt geen enkele prijs. Daarom hebben we die van ons omringd met kruidige knechten zoals eik, vanille, koriander en verschillende soorten hop waaronder Saazhop, Belgische hop, kruidige en bloemige hop. Straffe smaakmakers die elke bierliefhebber moeiteloos over de streep trekken.” En zeau is het.

Tongerlo Bruin

Tongerlo Bruin wordt net als Flandrien gebrouwen bij Haacht in Bortmeerbeek. Al 120 jaar een onafhankelijke familiebrouwer en alleen daarom al zouden wij allen aan de Tongerlo Bruin moeten. Maar het is ook gewoon een lekker bier, zij het wat aan de zoete kant met zijn karamel en bruine suiker smaken. Gelukkig stijgt er na elke slok een licht kruidig bittertje op, want biertjes moeten ook niet te braaf zijn, zelfs niet als ze uit een klooster komen.

Gerardus

En dan de hamvraag: welk bier is het beste van het Pieterpad? Eigenlijk is daar maar één antwoord op te geven: ga het vooral zelf proeven. Dan kom je er vanzelf achter. Wij vinden een Gerardus van de tap op dit moment het lekkerst. Al was het maar omdat ie op loopafstand van ons huis verkrijgbaar is, met uitzicht op de hei. Zodat wij vrij naar Kloos kunnen zeggen: de natuur is prachtig, helemaal als je er wat te drinken bij hebt.


Alle bierwandelblogs op een rijtje:

Een beeldverslag van de Dinner Train

29 juli 2019

Sommige belevenissen zijn alleen maar leuk omdat je er achteraf over kunt bloggen. Dan is het eigenlijk te erg wat er gebeurt, maar krijg je door het vooruitzicht van een verhaal toch nog een goed humeur. Zoals de 27e juli, toen wij hadden ingecheckt op de Dinner Train. Een beeldverslag van meer Train dan Dinner.

Het leek vooraf zo’n leuk idee; eten met de Dinner Train. Je stapt op in Hilversum (of een andere plaats), rijdt twee uur rond en krijgt ondertussen een vier gangen menu geserveerd. Voor 49 euro, en als je een tafel voor twee wilt kost het een tientje meer. Dat deden wij dus.

Dit is de restauratie wagon. Wij liepen zo’n beetje als laatste naar binnen en hoorden onderweg van tafeltjes die al bezet waren dat het niet zo goed schoon was gemaakt. “It’s sticky”, klonk er. En dat klopte, alles was plakkerig. Links achter in de hoek zie je ovens waarin de maaltijd werd opgewarmd. Ja inderdaad, opgewarmd, niks kokkie of keuken. Dat stond er op de website niet bij. Enfin. Op de meest linkse oven zie je een papiertje hangen: dat was de gebruiksaanwijzing van het diner. Regelmatig dromden de drie obers er samen om het lijstje na te lopen en de acties te verdelen.

De amuse stond al op tafel toen we gingen zitten, zonder verdere toelichting. Geen idee hoe lang het er al stond. Op deze foto had ik al twee hapjes genomen. Het was couscous met wat kikkererwten (vier stuks) en iets vaags boterigs. Later heb ik terug gerekend dat het de eerste van vier gangen was.

Leffe is sponsor van de Dinner Train. Met voor mij nieuwe biertjes, zoals deze Radieuse. Een mooi amberkleurig bier van 8,2%. Moutig, koriandersmaakje erbij, op zich niks mee behalve dat ie lauw was. Zeg maar gerust huiskamer temperatuur. Ze hadden een storing gehad, waardoor alle koelkasten waren opgewarmd, vertelde een van de obers. Maar toen reed de trein al, richting Utrecht. Te laat voor een early leave.

Het voorgerecht kwam niet uit de oven en werd geestdriftig ontdaan van zijn cellofaantje op weg naar ons tafeltje: twee zalmplakjes met opgerolde komkommer. Ook twee, per persoon. Dat dan weer wel.

Niet zomaar zalmplakjes: een smaakexplosie! Sashimi! Volgens het menu althans. Gelukkig reed de trein nog wel gewoon door. Ja, je weet het niet, een mens wordt toch achterdochtig.

Keerpunt Heidestein. Hier stond de trein geruime tijd stil en reed daarna weer terug. Zonder toelichting overigens. Da’s het mooie van lokatiebepaling, kun je later zien waar je geweest bent door op je foto’s te kijken. Hieronder volgt een korte impressie van de rest van de route.

Drama

Hoofdgerecht: dubbele halve mul met een aardappelstapeltje. En een slice radijs. Met nog net in beeld een courgetteplakje. Grasje erop, klaar is de Train met z’n Dinner. Er was ook nog een toetje, maar die wilde niet op de foto.

Hilversum

Eenmaal uitgestapt en op weg naar huis bleken alle snackbars ook nog eens dicht. Of al dicht, hangt er van hoe je het bekijkt. Het was in ieder geval goed voor de lijn. Zoals ik eerder zei, soms zijn dingen alleen maar leuk omdat je er over kunt bloggen.

Naschrift 7 augustus 2019

Op 7 augustus bereikte ons het bericht dat de Dinner Train failliet is. Geen al te grote verrassing, maar wel jammer voor alle betrokken medewerkers en bezoekers die al een kaartje hadden gekocht. Het blijft natuurlijk een geweldig concept, nu nog een goede uitvoering.

De beste streekbieren van het Pieterpad deel 1

De laatste route van het eerste boekje: van Laren naar Vorden

Eenmaal in Vorden kon het boekje dicht: de eerste dertien etappes en 236 kilometer zaten er op. Overwinningen moet je vieren en bij een feestje hoort een biertje. In dit Pieterpadblog vindt je daarom de vijf beste streekbieren die wij tegenkwamen onderweg. Geheel subjectief en op niets anders gebaseerd dan de eigen smaak. Met als definitie van streekbier ‘ongeveer in de buurt gebrouwen van waar het gedronken werd.’ Ja, dat is weids. Houden we van.

Conclusie: allemaal proberen! Het waren tevens de enige vijf streekbieren, dus acht keer moesten we het met wat anders doen. Zoals een Weizen of een Dubbel. Weet je gelijk een beetje wat we lekker vinden. Hopelijk vinden we in deel twee van het Pieterpad wat meer plaatselijk vakmanschap, kansen genoeg zou ik zeggen.

5. Martinus Nuchter Pale Ale

De Martinus Nuchter dronken wij bij de Drie Gezusters op de Grote Markt in Groningen. Het is een biertje met een mooi verhaal. Het recept is mede ontwikkeld door de supercomputer ‘Watson’ van IBM. Die maakte een analyse van de karaktereigenschappen van de Groninger en koppelde dat aan duizenden bierrecensies. Het resultaat is een pale ale van 6,1%, gebrouwen met 50% haver. Ik vond het een OK bier. Niet heel IPA, toch wel met een citrusje erin op een verder ietwat vlakke smaak. Maar ik ben dan ook geen Groninger.

4. Groninger Spelt Pale Ale

De Groninger Spelt Pale Ale werd geschonken op een zonnig terras in de haven van Winssum, op de eerste dag van het Pieterpad. Dat maakt alles lekker. Deze Pale Ale is mild hoppig en schuimt er vrolijk op los. Lekker fris met 5%. Daar doen we er nog maar eentje van dan, daar in dat kleine café aan de haven.

3. Veluwse Schavuit

Eigenlijk is het geen schavuit, maar Schavuyt. Gebrouwen door brouwerij de Vlijt uit Apeldoorn. Die hebben hun best gedaan er een mooi amberkleurig bier van te maken en dat is goed gelukt. Volle smaak met caramel, beetje hoppig en ja drommels, in de nasmaak nog wat honing ook. Hij doet 6,5% en vooruit, wij er ook nog één.

2. Groninger Oerspelt Weizen

De Oerspelt Weizen is een broertje van de Spelt Pale Ale van nummer vier. Waar die al flink aan het koolzuur was, schuimt deze helemaal door. Flinke kragen heb je zo te pakken, die heerlijk geuren naar fruit en dan natuurlijk vooral naar banaan. Hij doet 6% en kreeg een vetleren medaille op het bierfestival van Lyon in 2018. Kijk, dan kan je wel wat.

1. Dalfs Blauw

Het Dalfsblauw van de Vechtdal Brouwerij kon ons het meest bekoren. Niet alleen door de prachtige plek op het terras van Grand Cafe de Veghte in Ommen, maar vooral door die diepe smaak van deze haast Belgische Dubbel. Koffie, caramel, mout, hop, het komt allemaal voorbij in een prachtige lichtbruin bier met een fijne schuimlaag. Hij schrijft 7,5% en oom agent een bon als je er drie neemt voor het autorijden. De volgende keer gaan we dus met de trein.


Alle bierwandelblogs op een rijtje:

© 2022 Rizoomes

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑