Leestijd: 4 minuten

Linked Data, Rizoomen en de brandweer
(Bart van Leeuwen, 14 januari 2014)

Met enige trots mag ik als eerste gast blogger op rizoomes.nl een blog schrijven over het onderwerp waar ik met passie over kan vertellen, Linked Data.  Laat ik om in de geest van het verbinden te blijven beginnen met een korte introductie om mijn ‘Dot te connecten’.
Connecting the dots
Mijn naam is Bart van Leeuwen en ik ben eigenaar van netage.nl. Een kleine onderneming waar we onder andere innovatieve projecten op het gebied van operationele informatie- voorziening met linked data doen. Daarnaast ben ik in deeltijd werkzaam bij Brandweer Amsterdam-Amstelland (BAA) als HWT+ in de operationele dienst. Ed ken ik vooral van de verschillende artikelen die hij met vaste regelmaat schreef. Met Wendy heb ik in haar rol als informatiemanager bij de BAA regelmatig van gedachten gewisseld over hoe het beter moet.

Linked Data
Het idee achter linked data is om de infrastructuur van het web te gebruiken om data op dezelfde schaal te delen tussen computersystemen. Het web is een enorme verzameling van pagina’s over een even zo groot aantal onderwerpen. De inhoud van deze pagina’s is vrij, mag over elk onderwerp gaan en een duidelijk hiërarchie tussen de pagina’s ontbreekt. De pagina’s kunnen naar elkaar verwijzen, maar zijn niet van elkaar afhankelijk om hun informatie te kunnen over brengen. Het huidige web is primair gemaakt voor menselijke gebruikers. Computers hebben nog steeds moeite met het interpreteren van gegevens op webpagina’s. Linked data biedt de mogelijkheid informatie tussen computers te delen op de schaal van het web. De uitgangspunten zijn als volgt geformuleerd:

  1. Gebruik URI’s om dingen aan te duiden.
  2. Gebruik HTTP URI’s, zodat deze dingen kunnen worden aangeduid en opgezocht (“dereferentie”) door mensen en software agents.
  3. Lever nuttige informatie over het ding wanneer de URI wordt opgezocht, maak daarbij gebruik van standaarden zoals RDF, SPARQL.
  4. Zorg dat de informatie links bevat naar andere gerelateerde zaken (met behulp van hun URI’s) bij het publiceren van gegevens op het web.

Een mooi recent voorbeeld van linked data van onze centrale overheid is het Stelsel van basis registraties. Dit stelsel biedt de mogelijkheid voor instellingen die het gebruiken de begrippen direct met URI’s aan hun data te refereren. Als een derde partij deze informatie zou gebruiken, is het direct duidelijk wat de betekenis van deze definities is. Aangezien de data wordt aangeboden als machineleesbaar, is het niet een simpele pagina, maar kunnen software agents er ook daadwerkelijk mee overweg.

Het Waarom Tijdens de gesprekken met Wendy over operationele informatie voorziening bekroop mij heel langzaam een angstig gevoel dat we niet helemaal goed bezig waren met operationele informatievoorziening. Er waren op tal van vlakken organisatorische -, technische – en gedragproblemen en het kort en bondig uitleggen bleek lastig. Tot het moment dat ik mijn waarom vond;

Ik ben bang dat mij of één van mijn collega’s iets overkomt en dat we achteraf moeten constateren dat alle informatie die nodig was om het incident te voorkomen gewoon beschikbaar is.

Waarom linked data op Rizoomes
De oplettende lezer zal gemerkt hebben dat er behoorlijk wat parallellen zijn tussen linked data en de rizoom, een organisatievorm waar een centrale hiërarchie ontbreekt en waar geen centrale leiding is, maar waar de verbanden wel belangrijk zijn. In de artikelen over de sturingsdriehoek en de aanleiding daarvoor, komt duidelijk naar voren dat het risico’s van ons vak nadrukkelijk zitten in de ‘known unknowns’ en ‘unknown unknowns’. Als we al in staat zijn om deze situaties zelf te herkennen, moeten we daarnaast ook nog zorgen dat we met het vergaren van informatie niet in dezelfde valkuil stappen. Wmoeten ook hier de afwijkingen in de informatie herkennen, waardoor de informatie daadwerkelijk nuttig wordt. Traditionele gestructureerde data systemen hebben als belangrijk kenmerk dat het model vooraf vastgelegd is; de mogelijkheden tot invoer zijn beperkt tot die waarden die bij het ontwerp mogelijk geacht werden. Daar begint de schoen dus te knellen: we hebben net geconstateerd dat we in een afwijking of standaard afwijking zitten, maar gaan werken met systemen die nog altijd van de standaard uitgaan. In feite wordt er een vorm van censuur gepleegd, we kunnen alleen vooraf bedacht vragen beantwoorden. Het model van linked data, ‘Any system can make any statement about any subject’, biedt hier de uitkomst: we zijn op data niveau vrij van structuur, maar toch in staat om de betekenis vast te leggen. Het biedt de vrijheid om in de informatie verbindingen te leggen die op voorhand niet logisch lijken. Juist deze onlogische combinaties zijn door middel van software agents op te sporen en kunnen dus als waarschuwing dienen. Kunnen deze systemen ons vertellen wat we moeten doen? Waarschijnlijk is dit niet wat we willen, ze moeten aanzetten tot nadenken over de afwijkingen waar ze ons op wijzen.

De huidige uitvoeringen van operationele informatiesystemen bieden nog niet genoeg mogelijkheid tot het verbinden van de informatie door software agents. Een voorbeeld hiervan is de op deze site genoemde Scenario Boek Externe Veiligheid. De inhoud hiervan is absoluut nuttig, maar alleen door een mens te lezen en te interpreteren. Het is niet mogelijk om aan een computer informatie te vragen  uit de kaarten op basis van het huidige incident. Sterker nog, het is niet mogelijk om automatisch een kaart te koppelen aan een incident, omdat we geen idee hebben wanneer dit van toepassing zou zijn. Er is dus nog een lange weg te gaan, maar er is al wel begonnen. Binnen het Inowit traject van Brandweer Nederland zijn we begonnen om de eerste stappen met linked data te zetten.

Een belangrijk kenmerk van netwerken zonder begrenzingen, is dat het ontbreken van deze specifieke afbakening voor een onzekerheid in de informatie positie zorgt. Net als op het gewone web kan je nooit uitsluiten dat er ergens een stuk informatie is wat je nog niet meegenomen hebt in je overweging. Daarnaast ontbreekt ook een centrale autoriteit, zodat conflicten tussen informatie bronnen niet  zonder meer op te lossen zijn. Het idee dat we dus met een grote hoeveelheid data de vragen wel kunnen beantwoorden is dus niet waar. Sterker nog, het beseffen dat de informatie die we gebruiken bij het optreden bij incidenten wel eens niet correct of onvolledig zou kunnen zijn, draagt alleen maar bij aan een groter bewustzijn over de eigen veiligheid.

Informatie mag nooit leidend zijn, het mag alleen leiden tot het nadenken over de links die het biedt met de situatie waarin we ons bevinden!