Rizoom, hiërarchie en de kracht van verbinding.

Ed Oomes, 26 mei 2014

Op de oever van een rivier zat een oude indiaan over het water te turen, toen zijn kleinzoon voorbij liep. Het jongetje keek een beetje bedrukt. “Kom eens hier jongen”, zei de oude indiaan. “Wat is er aan de hand, je kijkt of je je laatste buffel hebt geschoten”. “Opa, ik vind het allemaal best lastig. Elke keer weer zijn er zo veel keuzes te maken, beslissingen te nemen. Hoe kan je dat allemaal goed doen”? Hij gooide een steentje in de rivier en volgde de cirkels op het wateroppervlak. “In elk mens leven twee wolven die steeds met elkaar in gevecht zijn en die bepalen wat je doet”, zei de oude indiaan. “De ene staat voor hebzucht, overmoed, jaloezie, ego, woede en wrok. De andere wolf staat voor liefde, hoop, kalmte, vrijgevigheid en kalmte”. De kleinzoon keek zijn opa even peinzend aan en vroeg toen welke wolf ging winnen. “Degene die je voedt”, zei de oude indiaan glimlachend.

In veel culturen worden parabels en korte verhalen gebruikt om lessen te vertellen, zoals bovenstaande parabel over de twee wolven. In het zenboeddhisme bestaat er zelfs een hele serie raadselachtige verhaaltjes, koans genaamd, die je niet kan oplossen met alleen een rationeel antwoord. Vaak zit er een paradox achter, of een diepere betekenis. Een beetje zoals de intuïtiepompen die ik in dit blog beschreef. Een voorbeeld van een heel bekende koan is hoe het klappen van één hand klinkt. Op deze website staan er nog enkele tientallen beschreven.

One-Hand-Clapping

Ook rizomatisch denken kan eigenlijk niet zonder verhalen en beelden. Bij het lezen van de Dikke Deleuze dacht ik daarom ook op enig moment tegen een koan te zijn aangelopen. “Wasp and orchid, as heterogenous elements, form a rhizome”. Oké, dacht ik, dus de wesp en de orchidee vormen een rizoom. Maar waarom vormen de wesp en de orchidee een rizoom? Hoe kunnen twee van zulke verschillende dingen één zijn? Kijk, een zwerm wespen als een rizoom zien, of een bos bamboe, dat volgde ik nog wel. Maar een wesp en een orchidee? “The apparallel evolution of two heterogenous beings that have absolutely nothing to do with each other”. Precies, twee dingen die niets met elkaar te maken hebben, waarom is dat een rizoom?

Omdat er een verbinding wordt gelegd tussen de wesp en de orchidee zonder dat er iemand opdracht toe heeft gegeven! Opeens, na weken piekeren, was mijn kwartje gevallen. Een rizoom legt verbinding tussen de samenstellende elementen omdat het kan, omdat het wil, maar niet omdat het moet. Een rizoom is datgene wat overblijft van een organisatie als je de centrale hiërarchie en macht er vanaf haalt. Een rizoom is dus de verbindende factor tussen mensen, dingen, verhalen, elementen, enzovoorts zonder dat een externe kracht opdracht heeft gegeven of gezegd dat het moest. In arbeidsorganisaties is dat heel vaak de professie; De logica van het vakgebied, zogezegd, ook al is een vakgebied formeel gesproken lang niet altijd logisch voor buitenstaanders.

Professionele organisaties ontwikkel je dan ook bij voorkeur op de inhoud, niet via de structuur. Structuurvragen gaan namelijk altijd over harkjes, hiërarchie, verantwoordelijkheden en bevoegdheden. Boomstructuren zijn causaal en serieel georganiseerd, statisch, rondom geëxpliciteerde kennis die zwart / wit is beschreven. Het is de structuur van de anticipatie, vooruitdenken, de risico-analyse en de rekensommen. Het is de manier van denken van de landbouwers, van bedrijven zoals McDonalds, die in de kern een metastabiel evenwicht vormen. Als je daar de centrale structuur weghaalt, stort het gebouw grotendeels in. Mocht er al sprake zijn van een rizoom, dan is dat niet georganiseerd rondom de professie. Alle handelingen zijn namelijk gestandaardiseerd, geëxpliciteerd en gemarkeerd: als de piep gaat, is de friet klaar. Let wel, dit is geen waardeoordeel. Boomstructuren zijn niet persé slecht, maar zeker ook niet overal voor geschikt.

Boomstructuur

Via een boomstructuur vind je nooit een rizoom. Rizomen zijn namelijk flexibele netwerken zonder centrale kern, ingang of uitgang, intuïtief vormgegeven rondom impliciete kennis (tacit knowledge) in genuanceerde grijstinten. Het is de structuur van de resilience, de veerkracht. Van de jager – verzamelaars. Misschien zelfs wel van de antifragility. Na elke brand verandert het rizoom, wordt het sterker en toch blijft hij gelijk. Ik noem dat nieuwe normaliteit. Als je het rizoom wilt voeden met ervaringen uit andere rizomen (leren dus), dan moet je eerst verbinding zien te leggen, een koppeling maken. Daarna kan de ervaring worden overgedragen, via dezelfde vorm van tacit knowledge waaruit zowel bron als ontvanger zijn opgebouwd. Dit kenmerk van het rizoom verklaart waarom brandweerorganisaties moeilijk leren van anderen. Niet uit onwil, maar uit onmacht om de juiste verbindingen te leggen. Zowel binnen je eigen rizoom, als tussen rizomen. Het maakt dus veel uit of je in een rizoom zit, of dat je er buiten staat als je iets wilt ontwikkelen of veranderen.

Want iets willen veranderen of verbeteren is typisch iets van boomstructuren, van landbouwers. Je staat hier en wilt daar heen. Het is expliciet management. Rizomen daarentegen ontwikkelen zich gewoon, al naar gelang er nieuwe koppelingen worden gelegd met nieuwe mensen, nieuwe verhalen, zonder richting. Uiteindelijk heb je in een brandweerorganisatie beide vormen nodig om aansluiting te houden met maatschappelijke ontwikkelingen. Gelukkig is ook Deleuze daar optimistisch over. “The wisdom of the plants: even when they have roots, there is aways an outside where they form a rhizome with something else – with the wind, an animal, human beings”.

Tired of trees

Op de oever van de rivier zat een oude brandmeester steentjes in het water te gooien, toen een jonge officier naast hem kwam staan. “Ik begrijp er niks meer van”, zei de jonge man, hoe ik ook mijn best doe, ik krijg het niet voor elkaar. Het lijkt wel of er niemand wil luisteren”. Hij volgde de steentjes die een paar keer over het wateroppervlak stuiterden en daarna in de diepte verdwenen. “In elke organisatie leven twee vormen van denken en doen”, zei de oude brandmeester. “De ene, de boom, wil alles zeker weten en op schrift, wanneer het klaar is en hoeveel het kost. Want elke brand is toch hetzelfde. De andere, het rizoom, ziet wel wat op zich af komt en handelt naar bevind van zaken, omdat elke brand anders is”. De officier keek de brandmeester peinzend aan. “En welke overwint er”?, vroeg hij. De oude brandmeester glimlachte en zei: “degene die de ander aan zich weet te verbinden”.

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.