Interbolegerend

5 augustus 2016 Deel 1. 14 augustus Deel 2. Epiloog 20 augustus
Ed Oomes
Interbolegerend Deel 1

Over een paar weken werk ik al weer 15 jaar op Schiphol. En never a dull moment. De dynamiek van de luchthaven is groot en er is altijd wel iets te beleven. Dat begon eigenlijk al direct. Klaas Makker, mijn baas en de toenmalige commandant van Brandweer Schiphol, had het plan opgevat om ter introductie van het vakgebied vliegtuigbrandbestrijding samen naar een congres te gaan in Manchester. Dat was nog eens een mooi begin van een nieuwe baan. In de tweede week van september zou het werk dan echt beginnen. En dat deed het: op 11 september 2001 vlogen twee vliegtuigen in de Twin Towers New York. Alle toestellen die vanaf Schiphol onderweg waren naar Amerika keerden terug en zetten de normale bedrijfsvoering zwaar onder druk. Het leverde niet heel veel extra werk op voor de brandweer, maar het gaf mij al in mijn tweede werkweek een goed inzicht in het crisismanagement op de luchthaven.

911-schiphol-vertrektijd

In dit blog wil ik het echter niet over crisismanagement hebben, maar over gewoon management. Of liever, ongewoon management. Want van een goede baas leer je gekke dingen, zo is mijn ervaring na 25 jaar. En wat dat betreft was Klaas een goede baas. In de eerste weken van mijn nieuwe baan nam hij me mee naar allerlei vergaderingen, om me snel mijn weg in de burelen te laten vinden. Niet alle vergaderingen waren even spannend en sommige zelfs oersaai. En in één van die vergaderingen hoorden ik hem opeens zeggen dat hij het een kwestie vond die bijzonder interbolegerend was. Enigszins verbaasd keek ik hem aan. Interbolegerend? Wat was dat nou weer? Maar kennelijk vond niemand het een rare opmerking. De inbreng van Klaas werd vanuit diverse zijden beaamd en met een grote glimlach liet hij de kwestie verder zo interbolegerend als hij was en ging men over naar het volgende agendapunt.

Toen we later op de weg terug waren naar de kazerne vroeg ik hem wat interbolegerend eigenlijk betekende. Hij keek me grijnzend aan en zei: “Ik heb geen idee. Je bent de eerste die het vraagt. Ik zal er eens over nadenken”. Toen ik hem wat ongelovig bleef aankijken vervolgde hij: “Ja je moet toch wat met zo’n stom agendapunt. Af en toe gewoon even een schop onder het orgel geven, dan speelt het vanzelf verder”. Klaas had meer van dergelijke onzin woorden, maar interbolegerend is het enige dat ik heb onthouden. Ook Google had er tot vandaag nog nooit van gehoord, zie mijn screenshot maar:

Interbolegerend Search Results

De grootmeester van de onzinwoorden is natuurlijk Toon Hermans. Al noemde hij het zelf kolderliedjes. Op papier zijn het inderdaad nonsens, maar als je ze uitspreekt zijn ze fonetisch toch opeens te herleiden tot normale woorden. Kijk maar eens naar Snupitu.

Snupitu

Snupitu ijssitu glaassitu
Snupitu flensitu speculaassitu
Snupitu kaasitu gebaccitu
Snupitu coffitu kejakkitu

Onzinwoorden zijn ook in gebruik als leestest voor kinderen. Het combineren van echte woorden met nonsens zou dan het taalgevoel moeten stimuleren. Ook al verschillen de meningen daar nogal over. Welke woorden staan bijvoorbeeld hier?

valaf
nertaicon
daalpemerem
lenbakprul
bakas

Interbolegerend zoals Klaas het bedoelde was echter niet zozeer een kolderliedje noch een leestest, maar eerder een vorm van Bullshit Bingo avant la lettre. Als iedereen zo nodig moeilijke woorden wilde gebruiken, dan kende hij er ook nog wel een paar.  Het geniale er van was natuurlijk dat hij glimlachend het gesprek voortzette als de rest net deed of ze wisten wat interbolegerend betekende. In die zin gebruikte hij onzinwoorden als een milde vorm van een practical joke, de kunstvorm die binnen de brandweer nog dagelijks op zeer creatieve wijze gepraktizeerd wordt.

Bullshit Bingo

Het belangrijkste doel wat ik met blog heb is, naast het vertellen van een leuk verhaaltje, dat het woord interbolegerend in de zoekresultaten van Google terecht gaat komen. Bij wijze van expieriatie, natuurlijk, maar altijd leuk om te proberen. Dus breng dit blog vooral bij heel veel mensen onder de aandacht en laat ze het via hun eigen browser lezen, om de zoekmachines de weg te wijzen. Ik ben benieuwd hoever we komen.

Interbolegerend Deel 2

Op 10 augustus 2016 kwamen de eerste resultaten van de expieriatie door op Google. Met name via Twimmer werden de ‘interbolegerend’ tweets in de zoekresultaten weergegeven. Uiteindelijk heb ik 5 tweets geplaatst, die inclusief retweets gezamenlijk zo’n 4500 views op Twitter kregen. Een mooi bereik, en groot genoeg om voldoende mensen naar de website te trekken die het blog gingen lezen. Want het doel werd op 14 augustus 2016 bereikt: interbolegerend was opgenomen in de zoekresultaten, meer specifiek stond www.rizoomes.nl bovenaan het rijtje. Top!

Screendump Interbolegerend 20160814

Via @huskyneus en @MEvers02 kwam ook het andere onzinwoord uit deel 1 boven tafel dat Klaas veel gebruikte, maar dat ik me niet meer kon herinneren: epibreren. Toen ik ging zoeken op epibreren, werd ik toch een klein beetje verrast. Want dat onzinwoord bleek dus wel te bestaan, ook al betekende het formeel niets. Het werd in 1954 voor het eerst door Simon Carmiggelt genoemd in één van zijn ‘Kronkels’.

Het betekent namelijk niets. Het is gewoon maar een woord. Ik heb het zelf verzonnen. Op een dag was er een lastige heer aan het loket, die ons haast wilde laten maken met een kwestie, die zijn tijd moest hebben. Ik zei: ‘Meneer, u hebt groot gelijk, maar geef ons nog een weekje om de zaak te epibreren. Het woord kwam vanzelf uit mijn volheid tevoorschijn. En het werkte uitnemend: de man ging getroost heen.’

Toen ik dit las kon ik me niet helemaal aan de indruk onttrekken dat Klaas precies wist wat epibreren betekende en waar het vandaan kwam, en dat hij zijn eigen epibratie heeft gevolgd door interbolegerend te bedenken. Epibreren en interbolegeren zijn woorden die dus eigenlijk aan elkaar gerelateerd zijn, zowel qua ontstaansgeschiedenis als betekenis. Al zit er gevoelsmatig wel een verschil tussen.

Op 7 augustus kwam de volgende verrassing rondom onzinwoorden, en wel van de absurdistische scheurkalender van Ronald Snijders  tijdens een kleine hoempert.

7 augustus

De grap van bovenstaande nonsens is dat ze dus wel degelijk iets zegt. Natuurlijk zijn ze verkeerd gespeld en daarmee taalkundig onzin, maar psychologisch gezien wordt er wel degelijk (onbewust) een betekenis toegekend aan dergelijke onzinwoorden. De menselijke psyche is namelijk dol op patronen, en herkent al gauw iets, ook al is het soms verkeerd. In dezelfde foutcategorie zat de omslag van het laatste boek van Joop van Riessen. Kijk maar eens goed, het is echt fout.

Moord op de de tramhalte

Via @vonklinkenhoven ervaarde ik ook weer een hernieuwde kennismaking met de mannen van Jiskefet. Meer in het bijzonder refereerde @vonklinkenhoven aan de hoempert, hij kwam al voorbij, uit een geweldige sketch die Scheepskamelen heet. Prachtige onzinwoorden komen er in voor. De al eerder genoemde hoempert, maar ook bijvoorbeeld ‘roegen’, ‘kierder’, ‘kneukeren’ en ‘heugers’. Mooie woorden die niets betekenen, maar waarvan je denkt dat je weet wat het is door de uitleg van Wim van Nijssel, gespeeld door Michiel Romeijn. Aan het eind gaat Wim ook nog een stukje dichten:

Ik liep door een straat, ik zie haar lopen
Ik weet niet wat er binnen was gekropen
Een traan, Viel op het plaveizel
Hé, ben jij dat, Wim van Nijssel?

Wim van Nijssel, dat ben ik dan.

Dan zit ik vaak liever op een oud schip.

De meest interbolegerende sketch van Jiskefet is echter niet Scheepskamelen, maar English Sports. In een sublieme persiflage wordt de draak gestoken met Engelse sporten, waarbij de beelden van onnavolgbaar onzincommentaar worden voorzien. Het is allemaal nonsens, maar het lijkt verschrikkelijk echt. Zelfs de lengte van de video is een sneer; hij duurt net te lang, zoals Engelse sporten ook net te lang plachten te duren. Een goed moment om dit blog af te sluiten, want interbolegerender dan dit gaat het nooit worden.

Interbolegerende Epiloog: De Nootmuskaat Kolonel

Net toen ik het interbolegerende onderwerp van de kolderliedjes en nonsensteksten dacht afgesloten te hebben, viel mijn oog in de winkel op een nieuw boekje van Toon Hermans: De Nootmuskaat Kolonel. Toon zou dit jaar honderd zijn geworden en ter ere van dat feit worden er een paar speciale uitgaven op de markt gebracht. En het moet gezegd, de Nootmuskaat Kolonel is wel een hebbedingetje. Mooie tekeningetjes in een ruim vormgegeven hardcover, met prachtige gedichtjes en kolderteksten. Het begint al bij het voorwoord.Voorwoord nootmuskaat kolonelHet zijn niet de enige raadselachtige woorden in het boek. Zo adviseert hij in het gedicht ‘kaas’ dat je nooit met kroketten over introconcilisatie moet beginnen. En tekent hij de Laarsmodulant, die rimmelroosjes op verkeerd terrein schiet. Maar het is niet alleen maar onzin in het boek, er staan ook van die typische Toon gedichten in als ‘on’.

on

Als ik door de duinen fiets

denk ik vaak; er is geen niets

want ik zie in alles iets

als ik door de duinen fiets

zie de wind, de zee, de zon

zie de zin en zie de on

En zoals gezegd, er staan ook mooie tekeningen in het boekje, zoals het Rode Kolosaaltje:

Kolosaaltje (2)

Kortom, een hebbedingetje voor de Toon liefhebber. Ik sluit nu echt interbolegerend af met een gedicht uit de Nootmuskaat Kolonel. Treffender kan het niet.

mooj zo

Nee, ik kan het naar niet laten

altijd maar dat wauwelpraten

ik wil daar nu een eind aan maken en in plaats van spreken kwaken

blaten, bleren, kwekken, koeren

maar ik stop met ouwehoeren