Brandweer en bloed

Ed Oomes, 4 december 2016

Soms verandert er iets in de samenleving waardoor oude vanzelfsprekende risico’s een hele nieuwe lading krijgen. De eerste keer dat ik zoiets van dichtbij meemaakte was midden jaren 90, toen HIV een grote vlucht maakte en algemeen bekend werd dat het via bloedcontact werd doorgegeven. Opeens beseften brandweermensen dat ze tijdens technische hulpverlening regelmatig in contact kwamen met bloed van slachtoffers en dus mogelijk ook geïnfecteerd konden worden. Na sommige verkeersongevallen liep de zorg over een besmetting toen hoog op. Soms zelfs zo hoog, dat we via bedrijfsarts Tinus enkele malen Roel Coutinho, de toenmalige directeur van de GGD in Amsterdam, bereid vonden om ’s avonds toelichting te komen geven over de risico’s die men tijdens die hulpverleningen had gelopen.

Blood Borne Pathogens

Ik moest daar laatst weer aan denken toen ik deelnam aan een cursus Bloodborne Pathogens (BBP) van KLM Health Services. Eigenlijk gaf ik er een lezing over vliegtuigongevallen op Schiphol, en in ruil daarvoor mocht ik de cursus zelf volgen. BBP’s heten in het Nederlands bloed overdraagbare ziekten. Het zijn aandoeningen die worden overgedragen door micro-organismen, meestal virussen. Er is een heel scala aan dergelijke virussen, maar voor hulpverleners zijn er drie die er uit springen:  Hepatitus B, Hepatitus C en HIV. Om de volgende redenen:

  • Alle drie komen ze veel voor
  • Ze zijn overdraagbaar door ‘prikaccidenten’
  • Ze kunnen ernstige ziekten veroorzaken
  • Infecties zijn bij goede preventie geheel vermijdbaar.

De cursus richt zich met name op go-teams en ongevalsonderzoekers. Dat zijn mensen die naar vliegtuigongevallen worden uitgezonden voor ondersteuning en / of onderzoek, zowel in Nederland als over de rest van de wereld. In Amerika gelden strenge veiligheidsregels voor het betreden van dergelijke ongevalssites. De OSHA, de Amerikaanse Arbowet, schrijft voor dat men aantoonbaar kennis moet hebben van BBP voordat je wordt toegelaten bij een vliegtuigcrash. Zonder zo’n bewijs kom je niet ter plaatse.

hepatitus-cHepatitus C virus

Biologische Agentia

In Nederland is men daar wat minder streng op. Er geldt hier wel de richtlijn Biologische Agentia uit de Arbowet, maar die legt bijvoorbeeld niet rechtstreeks een inentingsverplichting op, noch verplicht het hulpverleners automatisch tot het voeren van een specifiek arbeidshygiënisch regime. Wel moet er een adequate Risico Inventarisatie en Evaluatie (RIE) zijn, die als het goed is het risico op bloed overdraagbare aandoeningen signaleert, classificeert en beheersmaatregelen benoemt. Hoe die RIE er uit ziet zal echter per brandweerkorps verschillen, daar kan ik hier niets algemeens over zeggen.

Waar ik wel wat over kan zeggen is het risico bij grote ongevallen. Ik zei al, de cursus ging over vliegtuigcrashes en daarbij zijn meestal een groot aantal slachtoffers betrokken. Als je de besmettingspercentages van de drie meest risicovolle ziektes onder de bevolking als uitgangspunt neemt, krijg je toch met cijfers te maken waar je even van achter je oren krabt. Bij een ongeval met 250 Europese slachtoffers aan boord zijn er vijf besmet met Hepatitus B, zes met Hepatitus C en eentje met HIV. Dus 12 van de 250, zeg maar 1 op 20 slachtoffers is besmet als je een beetje grof rekent. Als je er daarnaast van uitgaat dat er overal bloedspetters zullen zijn, is het vliegtuig en de crashsite per definitie besmet en zul je maatregelen moeten treffen. Vooral Hepatitus B is een groot risico: het is in zeer kleine hoeveelheden al besmettelijk, zelfs tot dagen na indroging aan toe.

Het is belangrijk om te beseffen dat ik hier weliswaar over vliegtuigen schrijf, maar hetzelfde risico is van toepassing op andere ramptypes met grote aantallen slachtoffers zoals treinongevallen, kettingbotsingen, bomexplosies, shootings en instortingen. Als je naar de regionale risicoprofielen kijkt, is het een realistisch scenario voor elke veiligheidsregio in Nederland. En vergeet ook de oogklep niet: iedereen denkt bij bloed namelijk altijd aan ambulancepersoneel, maar wie haalt de slachtoffers van de ongevalssite af? Juist, de brandweer. Waar je in de reguliere verkeersongevallen standaard zult denken aan je rubber handschoenen, zou het zomaar kunnen dat je in de afwijking van zo’n groot incident je beschermingsmiddelen vergeet en direct aan het werk gaat (lees hier nog maar eens over de sturingsdriehoek). Met alle extra risico’s van dien.

Besmettingsroutes

BBP’s kunnen worden overgedragen door blootstelling aan besmette weefsels, bloed, lichaamsvloeistoffen en voorwerpen. Via de intacte huid is besmetting gelukkig onmogelijk, maar via kleine wondjes of beschadigingen (ook huidziekten) kan de infectie wel worden doorgegeven. Draag dus altijd handschoentjes. Maar dat is niet genoeg. De besmetting verloopt namelijk ook via slijmvliezen, zoals de mond, de ogen en neus. En kan ook worden opgelopen via spatten en aerosolen. Verder kun je ook besmet raken door prikken of snijden. De RIVM heeft een richtlijn prikaccidenten, die alle mogelijke variabelen in een tabel heeft gezet.

prikaccidenten

Dit is niet de complete tabel, maar wel het deel met de meest relevante risico’s voor hulpverleners. De scenario’s drie en vier geven een hoog risico aan voor ongevallen waar de brandweer op uitrukt. Daarnaast kunnen in sommige gemeenten ook de scenario’s zeven en acht reële risico’s zijn voor brandweerpersoneel waar je maatregelen op moet nemen.

In Amerika zijn er naast besmettingskansen ook cijfers bekend over blootstelling aan besmettingen bij brandweerpersoneel. “The IAFF 2000 Death and Injury Survey reports that 1 out of every 50 fire fighters was exposed to a communicable disease.” Ik heb dergelijke cijfers voor Nederland niet online kunnen vinden. Dat is direct al één van de belangrijke beheersmaatregelen: inzicht krijgen in het risico. Onder andere door onderzoek te doen, maar ook door verzamelen van informatie uit korpsen en het verplicht melden als beroepsziekte via bedrijfsartsen.

Beheersmaatregelen

De beheersing van BBP moet onderdeel zijn van een arbeidshygienisch regime, dat start met een aanvullende RIE biologische agentia op de reguliere RIE. Daaruit moeten adequate beheersmaatregelen worden gedefinieerd en vervolgens via registratie en monitoring moet worden bijgehouden wat de kwaliteit is van de getroffen maatregelen. Zonder zo’n systematische aanpak verbeter je namelijk niet zo heel veel en kun je niet spreken van risicobeheersing.

hivHIV

Te nemen maatregelen kun je onderverdelen in preventie, repressie en nazorg. Zonder compleet te willen zijn wil ik hier ter illustratie een paar voorbeelden noemen van concrete maatregelen.

Preventie (voor inzet met blootstelling BBP)

  • Opleiding en training BBP, jaarlijkse refreshment
  • Adequate Persoonlijke Beschermingsmiddelen uitreiken (PBM)
  • Opstellen procedures en werkwijze grootschalige inzet waaronder afvoer besmette kleding en materialen
  • Vaccinatie

Repressie (tijdens inzet met blootstelling BBP)

  • Organisatie rampplek, waaronder gereguleerd toelatingsbeleid
  • Monitoren rampplek op bloedbesmetting (stoeptegel / waarschuwingslampje)
  • Ontsmetting kleding en afvoer als biohazard
  • Sanitaire voorzieningen
  • EHBO en medische zorg ter plaatse beschikbaar voor hulpverleners

 Nazorg (na inzet met blootstelling BBP)

  • Post expositie profylaxe (antidote, indien beschikbaar) als je toch bloedcontact hebt gehad
  • Ontsmettingsprotocol volgen, goed schoonmaken, nulmeting bloed
  • Debrief
  • Monitoring mogelijk besmette collega’s

Zoals ik al zei, dit is geen compleet beheerssysteem, maar geeft wel inzicht in de hoeveelheid te nemen maatregelen. Je moet er dus wel degelijk structurele aandacht aan besteden. Eerlijk gezegd voel ik het gezucht van sommige brandweermensen ‘over weer zo’n risico’ al aankomen. Maar daar trek ik me dan maar even niets van aan. Besmettingsziekten is een serieus risico, dat een serieuze aanpak behoeft. Als de brandweer echt in je bloed zit, ga je met alle risico’s professioneel om en niet slechts met veiligheidsrisico’s. Ik zie de collega’s van 20 jaar geleden nog steeds voor me, bezorgd als ze waren dat ze door HIV geïnfecteerd waren. Als we toen een goed BBP beleid hadden gehad, was er niets aan de hand geweest. Laten we er voor zorgen dat er ook nu niets aan de hand hoeft te zijn.